Alles verandert…

In de herfst kleuren de bladeren van de bomen in
hun mooiste kleuren, geurt het buiten heerlijk.

De natuur toont hoe verandering ook mooi kan zijn,
zo moeten we zelf ook veranderingen in ons leven
toestaan, want niet alles wat verandert is een nadeel,
ook daar kun je mooie, kleurrijke dingen in ontdekken…

=====================================================

 

We zijn niet iedere dag even sterk.
Soms weten we gewoon niet
hoe we de dag moeten doorkomen.

Alles is donker om ons heen.
We lijken het spoor bijster
en we strompelen voort
terwijl de tranen stromen.

Soms dwingt het leven ons op de knieën;
staan we met onze rug tegen de muur
en vragen ons af
of het ooit nog goed zal komen.

Maar toch, te midden van alles
hebben we één zekerheid.
God is altijd daar, juist wanneer
wij Hem het hardst nodig hebben,
Zijn Licht schijnt in elke strijd.

Hij houdt ons staande of Hij draagt ons
wanneer we zelf niet meer kunnen staan.
Ja, Hij zal er altijd voor ons zijn
en op al onze wegen naast ons gaan.

==============================================

HOOP

Hoop is niet hetzelfde als optimisme
evenmin de overtuiging
dat iets goed zal aflopen.
Wel de zekerheid dat iets zinvol is
afgezien van de afloop,
het resultaat

Hoop is ergens voor leven,
ergens voor werken
omdat het goed is
niet alleen
omdat het kans van slagen heeft.

============================================

 

Dank je wel

Dank je wel, voor je gesproken woorden,
dank je wel, omdat je even naar mij omzag,
dank je wel, voor je luisterend oor.
Voor de vragen die ik je mocht stellen,
voor je arm, je schouder,
voor je antwoorden tussen de regels door.

We delen nu voor altijd iets bijzonders
omdat je er toen eventjes voor me was.
Op zijn tijd een duwtje in de goede richting,
komt ieder mens wel eens van pas.

Dank je wel voor je gastvrijheid,
voor je steun of je gebed.
De ontbrekende kers op de taart,
heb jij er voor mij toen opgezet.

——————————————————————–

 

Kleine stapjes vooruit

Je kunt altijd een stapje vooruit zetten
niemand kan je dat beletten
En al ben je met dat ene stapje nog niet waar je wezen wilt
elke stap vooruit maakt toch weer een beetje verschil
Misschien moet je nog wel duizend stappen maken
om uiteindelijk bij je doel te geraken
Maar geef niet op en loop moedig door
en je zult zien ineens volg je vanzelf het juiste spoor…..

=====================================================

 

 

Een mens van alle seizoenen

Laat mij geen oude brompot worden, Heer
die steeds jammert, tegenpruttelt,
alles zwart inziet, zichzelf beklaagt
en onuitstaanbaar wordt voor anderen.

Bewaar in mij de glimlach en de lach.
Bewaar in mij de zin voor humor
zodat ik de dingen en mezelf
op de juiste plaats kan zetten.

Maak van mij een milde mens
die weet te delen van zijn bezit en tijd.
Laat mij bekommerd zijn om hen
die weinig of niets hebben.

Laat niet toe dat ik iemand word
die in het verleden leeft,
die spreekt van “de goeie oude tijd”
en neerziet op “de jeugd van vandaag”.

Maak van mij iemand
die zijn eigen jonge jaren niet vergeet
en daardoor inspiratie kan zijn
voor jonge mensen van nu.

Heer,
Gij die de seizoenen een plaats
hebt gegeven in jaar en leven
maak van mij een mens van alle seizoenen.
Ik vraag U geen geluk, maar gewoonweg
dat mijn levensadem mooi mag zijn
en mag getuigen van uw goedheid.

==========================================================================================

OKTOBER -MARIAMAAND -ROZENKRANSMAAND

DE ROZENKRANS

Gezeten in haar stille hoek,
Zat oma met haar omslagdoek,
Toen zij door slaap werd overmand,
De paternoster in de hand.
Daar kwam haar dochter op bezoek,
Met bloemen, kind en krentenkoek,
‘t Ventje bleef verwonderd staan
“Wie heeft er Oma wat gedaan?
Wat is dat voor een ketting daar?”
En Oma, och, zij lachte maar
Geduldig heeft ze hem uitgelegd
Dat men daar ‘ro-zen-krans’ aan zegt.
“Kijk, als ik iedere dag hier zit
En dan zo’n klein gebedje bid,
Een engeltje voor mij alleen
Rijgt roosjes, rood en wit aaneen.
En kom ik straks bij Lieve Heer
Legt het die roosjes voor mij neer.
Want daaraan ziet Sint Pieter dan
Waar of hij mij neerzetten kan.
Veel roosjes – mag ik zitten gaan,
En weinig – achteraan blijven staan.”
‘t Jongetje lacht, hij is bijna vier:
“Och Oma, blijf maar liever hier.”
Straks word ik flink en groei ik groot
Dan pluk ik rozen, wit en rood.”
En oma’s hand, zo smal en klein,
Rust op zijn hand. Zij zegt: “Da’s fijn.”